“Het beleid beslist maar.”
“Op de werkvloer begrijpen ze niet waarom.”
“Ze zouden eens een dag in onze schoenen moeten staan.”
Het zijn uitspraken die in zowat elke organisatie weleens opduiken. En ergens zijn ze ook heel menselijk.
We kijken nu eenmaal naar de werkelijkheid vanuit de plek die we zelf innemen. Vanuit onze verantwoordelijkheden, onze ervaringen, de druk die we voelen en de informatie waarover we beschikken.
Wat voor de ene een logische beleidskeuze is, kan voor de andere voelen als een beslissing die voorbijgaat aan de dagelijkse realiteit. Wat voor de ene weerstand lijkt, is voor de andere vaak een poging om iets waardevols van/voor zichzelf te beschermen.
En vaak hebben ze allebei een punt.
Ik geloof sterk dat verbinding in organisaties niet ontstaat doordat we allemaal hetzelfde gaan denken. Wel doordat we oprecht nieuwsgierig blijven naar het perspectief van de ander.
Niet alleen proberen uit te leggen waarom we zelf iets belangrijk vinden, maar ook willen begrijpen waarom iets voor iemand anders zo moeilijk ligt.
Dat vraagt iets van iedereen. Van wie beleid maakt én van wie het in de praktijk brengt. Van leidinggevenden én medewerkers. Van zorg én ondersteunende diensten.
Want ook daar ontstaan gemakkelijk grenzen tussen ‘wij’ en ‘zij’. Soms heel zichtbaar, soms bijna ongemerkt. En voor je het weet, zijn we vooral bezig met het verdedigen van onze eigen plek, in plaats van met het begrijpen van het grotere geheel.
En dat grotere wij ontstaat niet vanzelf. Het vraagt dat we elkaar ook daadwerkelijk ontmoeten, liefst buiten de vertrouwde context van onze eigen functie of ons eigen team.
Daarom proberen we binnen onze organisatie op verschillende manieren ruimte te maken voor die ontmoeting. Soms ook letterlijk in ont-moeten. Met teamontmoetingen tussen afdelingen en directie en staygesprekken met HR en individuele medewerkers. Met een ontbijt waar nieuwe medewerkers en directie met elkaar in gesprek gaan. Door verschillende perspectieven samen te brengen wanneer we nadenken over grote thema’s, ook wanneer we weten dat we uiteindelijk keuzes zullen moeten maken waarin niet iedereen zich kan vinden.
Maar evengoed door directieleden en leidinggevenden die meelopen in de zorg. Uitwisseling waarbij de werking van ondersteunende diensten wat meer in detail wordt toegelicht. Door collega’s die tijdelijk bijspringen in teams waar de nood hoog is. Of door ondersteunende diensten die de permanentie overnemen zodat zorgteams samen opleiding kunnen volgen of naar een intervisie kunnen gaan.
Heel verschillende initiatieven, maar telkens vanuit dezelfde intentie: de afstand tussen onze verschillende werkelijkheden wat kleiner maken.
Of dat altijd lukt? Natuurlijk niet.
Want er is ook een verschil tussen de intentie om mensen te betrekken en de ervaring dat je betrokken wordt. Tussen ruimte geven aan verschillende perspectieven en het gevoel hebben dat jouw perspectief werkelijk heeft meegewogen.
Ook daar moeten we naar durven kijken.
Werken aan een gedeelde ‘wij’ betekent niet dat alle belangen samenvallen.
Het betekent evenmin dat iedereen altijd tevreden zal zijn. Organisaties moeten keuzes maken. Soms moeilijke keuzes, waarbij het ene belang zwaarder doorweegt dan het andere. Waarbij niet iedereen krijgt wat hij nodig heeft of waarop hij had gehoopt.
Verbinding is geen garantie op overeenstemming. En begrip is niet hetzelfde als instemming.
Maar er is wel een wereld van verschil tussen een beslissing waarmee je het oneens bent en een beslissing waarbij je het gevoel hebt dat jouw werkelijkheid er niet toe deed.
Misschien zit daar wel een van de belangrijkste opdrachten voor wie samenwerkt: blijven zoeken naar dat grotere wij, zonder de verschillen weg te poetsen.
Niet als een toestand die we ooit definitief bereiken, maar als iets waaraan we blijven werken. Ook wanneer het schuurt, wanneer mensen zich onvoldoende gehoord voelen of wanneer we als organisatie zelf tekortschieten.
Want je kan mensen moeilijk vragen om het grotere geheel te zien, als je hen nooit de kans geeft om buiten hun eigen stukje te kijken.
En misschien wordt een organisatie net sterker wanneer mensen niet méér verantwoordelijkheid moeten dragen, maar wel meer zicht krijgen op hoe hun eigen werk verbonden is met dat van anderen.
Wanneer ze kunnen ervaren dat ze, elk vanuit hun eigen plek, deel uitmaken van iets groters.
Samen werken is tenslotte nog iets anders dan samenwerken.
